Thyestes vertelt een van de meest duistere episodes uit het koningsgeslacht van de Tantaliden. De Tantaliden werden vervloekt door de goden, omdat stamvader Tantalus de alwetendheid van de goden wilde testen. Die vloek drijft een wig tussen Tantalus’ kleinzonen Thyestes en Atreus. Beiden lonken ze naar de troon van Mycene. Niet in staat om tot een vergelijk te komen drijven de broers niet alleen elkaar, maar ook elkaars kinderen het onheil in. ‘Omstrengeld, als twee minnaars, blijven zij onbeweeglijk,’ zo beschrijft Claus de door strijd uitgeputte broers aan het slot van het stuk.
Het verhaal van de vloek der Tantaliden laat zich lezen als een universele allegorie. Een verhaal over de manier waarop het verleden verder leeft in de toekomst, waarop de keuzes van voorouders worden gedragen door het nageslacht. Een overlevering die zich laat voelen in het leven van alledag, maar die zich veel explicieter openbaart in het verloop van de geschiedenis, en in de politiek. In die zin lezen we Thyestes ook als een allegorisch verhaal over beleidsmakers. Brussel is Mycene niet en België is niet vervloekt. Toch lijkt ons land een last te dragen waar elke nieuwe generatie politici mee te maken krijgt. En dezer maanden meer dan ooit.
Hoe duister ook, Thyestes is een stuk over daadkracht. In koning Atreus brandt een vuur. Een nooit geziene drang om voorgoed een einde te maken aan een loodzware erfenis die van generatie op generatie werd doorgegeven en die zijn nageslacht dreigt te besmetten. Atreus bezint zich over de ultieme daad…
Hugo Claus baseerde Thyestes op het gelijknamige stuk van Seneca. Seneca schreef zijn Thyestestijde van de ontaardende heerschappij van een van zijn leerlingen, keizer Nero. Claus formuleerde zijn fascinatie voor de Romeinse literatuur met een begrip van Simon Vestdijk, dat van de 'kantelende cultuur'. Vanuit het besef dat een cultuur op een dood spoor dreigt te lopen, wijst het begrip op de noodzaak tot verandering, beweging, creativiteit. Claus: ‘De Romeinse decadentie bijvoorbeeld heeft prachtige dichters voortgebracht. Zij schreven van uit een diepe weerzin tegen de maatschappij waarin ze leefden, weerzin die soms haast razernij werd.’
Deze lezing van Thystes vormt de sloteditie van de NTGent-Clauskampen. In dit programmaformat buigen NTGent-acteurs zich, samen met gastregisseurs, -acteurs en andere artiesten, een week lang over het werk van een van onze grootste auteurs. Eerdere edities stonden onder leiding van huisregisseur Julie Van den Berghe en Ceremonia. Deze sloteditie wordt geleid door theatercollectief Wunderbaum.
Met Wilfried Martens, Willy Claes, Wivina De Meester, Miet Smet, Frank Beke, Fedja Haagdorens, Elsie De Brauw, Servé Hermans, Walter Bart, Wine Dierickx, Matijs Jansen, Maartje Remmers, Marleen Scholten
Scenografie Maarten van Otterdijk
Dramaturgie Koen Haagdorens